2 oktober 2020 Meer nieuws

Rabobank: 'bollenexport kwetsbaar'

In het Rabobankrapport 'Toekomstbestendige land- en tuinbouw in 2030' noemt de bank de bloembollensector expliciet bij de exportrisico's, omdat de sector afhankelijk is van de afzet naar derde landen. Grondgebonden sectoren moeten bovendien hulp krijgen om ruimte te houden in Nederland.

De bank heeft afgelopen week in 21 pagina's een uitgebreide analyse van de land- en tuinbouwsector naar buiten gebracht, met daarin het belang van de sector voor de omgeving en voor de economie. Daarbij geeft de bank haar visie op die specifieke onderdelen. Ook stelt de bank dat de managementcapaciteiten van de ondernemers steeds belangrijker worden, om de bedrijven overeind te houden.

Leunen op derde landen

De bank stelt vast dat van alle sectoren de bloembollensector het afhankelijkst is van derde landen. Ook melkveehouderij, akkerbouw en varkenshouderij leunen bovengemiddeld op de export naar landen buiten Europa. 'Een grotere afhankelijkheid van dit soort landen verhoogt de kwetsbaarheid van een sector', schrijven de analisten van de bank.

Toenemende risico's

De bank verwacht dat tot 2030 de risico's bij de export naar derde landen alleen maar toeneemt, uitgezonderd hoogwaardige producten die zijn gebaseerd op 'unieke Nederlandse productieomstandigheden'. Belangrijkste oorzaak voor dat oplopende risico is de coronacrisis. De bank zet vraagtekens bij de export van middensegment-producten naar die landen. 'Zeker wanneer deze afzet opportunistisch en wisselvallig van aard is de productie een groter beslag legt op milieugebruiksruimte in Nederland.'

Ingrijpen

Uit de visie van de bank blijkt dat ingegrepen moet worden, om er voor te zorgen dat alle land- en tuinbouwsectoren ruimte houden in Nederland. 'De ontwikkeling kan niet volledig aan de sectoren worden overgelaten. Wij pleiten voor een gerichte verdeling van de milieugebruiksruimte tussen de sectoren. Grondgebonden sectoren maken de meest aanspraak op die ruimte. Milieueffecten zijn niet tot nul te reduceren, omdat productie in de open lucht plaatsvindt.'