16 april 2019 Meer nieuws

‘Pas op met middel in grondwaterbeschermingsgebieden’

Veel agrariërs zijn zich er onvoldoende van bewust dat zij in grondwaterbeschermingsgebieden alleen die middelen mogen gebruiken die daar volgens het etiket zijn toegestaan. Dit zegt de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en de Vereniging van waterbedrijven in Nederland (Vewin).

Volgens Vewin en de NVWA is het belangrijk dat kwekers ook loonwerkers, gewasbeschermingsadviseurs en huurders van percelen in grondwaterbeschermingsgebieden op de hoogte stellen als hun perceel in een grondwaterbeschermingsgebied ligt. Telers die willen weten of hun percelen in grondwaterbeschermingsgebieden liggen, kunnen dit navragen bij de provincie of het drinkwaterbedrijf in hun regio.

Onbruikbaar worden van winputten

Ongeveer 60% van het drinkwater in Nederland is afkomstig uit opgepompt grondwater in zogenoemde waterwingebieden. Rondom deze waterwingebieden liggen gebieden waarin het grondwater beschermd wordt; de grondwaterbeschermingsgebieden. Regenwater dat in deze gebieden valt en oppervlaktewater uit bijvoorbeeld sloten en beken, zakt in de bodem en kan uiteindelijk de winputten bereiken. Als winputten ernstig verontreinigd raken door gewasbeschermingsmiddelen kunnen ze onbruikbaar worden. Daarom mogen in deze gebieden geen gewasbeschermingsmiddelen met risicovolle stoffen gebruikt worden.

Een kwart in de gevarenzone

Drinkwaterbedrijven houden de kwaliteit van hun drinkwaterbronnen in de gaten. Zij treffen bij het meten van de waterkwaliteit geregeld resten van gewasbeschermingsmiddelen aan. Zo werd bij een kwart van alle (circa 200) grondwaterwinningen bestemd voor drinkwaterproductie in de afgelopen jaren concentraties gewasbeschermingsmiddelen aangetroffen die de norm overschrijden of daar vlak onder zitten.