15 september 2020 Meer nieuws

Huetink: 'Minder chemie in 2030'

“In 2030 zijn we niet chemieloos, maar hebben we wel behoorlijke stappen gemaakt om met minder chemie ook goede producten te telen.” Dat gaf Sjaak Huetink aan tijdens het webinar van Nationale Proeftuin Precisielandbouw (NPPL), vorige week dat ging over technologie en chemie.

Hij geeft aan dat er in de laatste tien jaar grote stappen zijn gezet in de lelieteelt om minder afhankelijk te worden van chemie. “Qua bodemgezondheid hebben we in de lelieteelt best grote stappen kunnen zetten door de goede groenbemesters zoals Tagetes en Japanse Haver te kiezen waarmee we de populatie van schadelijke aaltjes kunnen onderdrukken, maar ook door de teelt te doen op de juiste percelen.” Hierdoor is de leliesector onafhankelijk gemaakt van de chemische natte grondontsmetting.

Afhankelijk van verschillende ontwikkelingen

Huetink verwacht in 2030 niet chemieloos te kunnen telen, maar wel weer behoorlijke stappen te hebben gemaakt om met minder chemie ook goede producten te telen. “We zijn daarbij wel afhankelijk van de beschikbaarheid van onder andere groene chemie en biociden. Het is ook afwachten wat we met techniek kunnen bereiken zoals datagedreven beslismomenten bepalen op basis van scouting wanneer een bestrijding waar uitgevoerd moet worden. Voor de lelieteelt zijn ook weerbare rassen die uit de veredeling moeten komen heel erg belangrijk om met minder chemie te kunnen telen.”

De bottlenecks die Huetink noemden zijn het te snel verdwijnen van chemische middelen zonder dat er goede alternatieve voor handen zijn en klimaatverandering. De kweker gaf aan dat er soms chemische middelen verdwijnen en dat dit lang niet altijd gebeurt op basis van dossierkennis. "Ook op emotie", aldus de leliekweker. “Dat betekent nu dat we soms hele slimme middelen gaan verliezen waardoor we soms minder goede middelen met een soms grotere footprint moeten gaan gebruiken.”

'Hoe lang gaat luizenaanpak met dit middelenpakket nog goed?'

Een ander pijnpunt dat hij noemde was de klimaatverandering. Hij ziet de grote luisdruk steeds eerder in het seizoen plaatsvinden. Voorheen zat de piek van de luizenvangst in de zomer als er oogstactiviteiten in de omgeving plaatsvonden, zoals bij het mais dorsen waar luizen bij vrij komen. "Maar de laatste jaren zie je de pieken in de maanden april, mei. De maanden waarin de gewassen net opkomen. Die vangsten zijn soms zo hoog dat je je wel eens afvraagt hoe lang gaat dit nog goed met het huidige middelenpakket?”

Geautomatiseerd luizendetectiesysteem

Huetink Bloembollen experimenteert dit jaar met een geautomatiseerd luizendetectiesysteem waarbij foto’s van plakvallen op afstand bekeken en beoordeeld kunnen worden. Het doel is om op basis van infectiedruk op het juiste moment de juiste dosering insecticiden toe te passen.