29 juni 2020 Meer nieuws

Gezondheidsraad pleit voor nader onderzoek middelen

Meer onderzoek naar de gezondheidseffecten van middelen, verbetering van de toelatingsprocedure en sneller verduurzamen van de landbouw. Daar komt het vervolgadvies van de Gezondheidsraad op neer. "We zijn op de goede weg, hier zijn we al mee bezig", reageert KAVB-voorzitter Jaap Bond.

De ministers van Landbouw, Infrastructuur en Zorg vroegen de Gezondheidsraad om een advies, naar aanleiding van het onderzoek naar effecten van blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen. Ze willen onder meer antwoord op de vraag of de middelen kans op de ziekte van Parkinson verhogen. Nederlands onderzoek wijst daar vooralsnog niet op, maar uit buitenlands onderzoek blijkt dat 'gewasbescherming gepaard kan gaan met gezondheidsschade bij mensen', schrijft de raad in het advies dat maandag uitkwam. Uit voorzorg dient het gebruik van middelen te worden teruggedrongen, want hoewel er geen bewijs is 'neemt het onderzoek de ongerustheid ook niet weg'.

Toelatingsprocedure sluit risico niet uit

Sinds 2014 is voor een toelating van een middel ook nodig het risico voor niet-beroepsmatige omstanders zoals omwonenden te bepalen. Een toelatingsprocedure kan gezondheidsrisico's niet uitsluiten, oordeelt de Gezondheidsraad. Verdere aanpassing van de procedure 'is complex en kost veel tijd' en daarom moet blootstelling volgens de raad uit voorzorg worden vermeden. 

'Sector doet veel aan verduurzaming'

De overheid slaagt er volgens de raad nog niet erg in de afhankelijkheid van het middelen te verminderen. Ook vervanging van middelen met een hoge acute toxiciteit door minder giftige gaat volgens de raad traag. 'Het streven naar meer duurzaamheid is nog niet erg succesvol. Bovendien is gebleken dat telers te weinig prioriteit geven aan veilig werken.' Dat heeft gevolgen voor de veiligheid van telers, werknemers, de gezinnen en het verhoogt volgens de raad ook de risico’s voor omwonenden. Bond: "De bollensector zelf doet juist heel veel aan verduurzaming. Dit beeld herken ik niet. We hebben alleen nog meer tijd en wat geld nodig om het verder te verbeteren, maar er wordt zeker aan gewerkt."

LTO plaatst kanttekeningen

LTO Nederland vindt dat het advies de door de land- en tuinbouwsector ingeslagen weg onderschrijft, maar plaatst wel enkele kritische kanttekeningen. “Boeren en tuinders voelen zich verantwoordelijk voor hun leefomgeving en omwonenden. Veilige gewasbeschermingsmiddelen zijn dus ook voor ons van groot belang – we werken er zelf mee en onze gezinnen wonen in de buurt van de percelen. We investeren daarom veel in verduurzaming van de gewasbescherming. De Gezondheidsraad adviseert om de ingeslagen weg nog sneller te bewandelen. Uit voorzorg, want hoewel er geen schadelijke gezondheidseffecten zijn aangetoond kunnen risico’s nooit helemaal worden uitgesloten. Daar staan we achter, maar het moet ons wel mogelijk worden gemaakt. Zo moeten er snel goede oplossingen worden gevonden voor een aantal knelpunten waar we al een tijd mee zitten – we moeten naast omwonenden óók de gewassen gezond kunnen houden,” aldus Joris Baecke, portefeuillehouder Gezonde Planten van LTO Nederland.

Pleidooi voor onderzoeken

Een groep kinderen lange tijd volgen om de gevolgen van blootstelling aan middelen te meten is volgens de raad een goed idee. Ook moet het gebruik van de middelen en de blootstelling aan de middelen beter in beeld worden gebracht, tot op perceelsniveau. Een Europees biomonitoringsprogramma om te meten hoeveel stoffen daadwerkelijk in mensen terecht komen is ook wenselijk, ook om het bewustzijn bij telers te verhogen. Het blootstellingsonderzoek dat in de bollen is gedaan, moet ook in andere teelten worden uitgevoerd. De toelatingsprocudure moet worden aangescherpt. Vooral de risico's voor hersenontwikkeling bij ongeboren en jonge kinderen en de kans op neurologische ziekten moet worden meegenomen. Tot slot is samenwerking in een kennisplatform nuttig, adviseert de raad.