Boekrecensie Meer boekrecensies

Tekst start onder de foto

Monnikenwerk

Ordenen zit de mens in het bloed. In de meeste huishoudens ligt het bestek keurig geordend in de bestekla: vorken bij vorken, messen bij messen, lepels bij lepels. Ook in grotere verbanden is het wel zo prettig als sprake is van een systeem. Wat de natuur betreft heeft de mens al eeuwenlang de behoefte om te zoeken naar onderlinge verwantschappen. Carolus Linnaeus zette in 1753 een reuzenstap door het binominale stelsel te introduceren. Elke soort heeft een naam die uit twee delen bestaat: de geslachtsnaam en de specifieke soortnaam. Waar eerdere suggesties het niet redden, hield Linnaeus stand. En ook na zijn visie volgden vele anderen die uiteindelijk toch minder goed bleken dan die van Linnaeus. De basis mag gelijk zijn gebleven, de opvattingen over waar welke plant nu precies familie van is, is onderwerp van een permanent debat. De resultaten van dat debat verschijnen met enige regelmaat in boekvorm. De jongste loot aan deze stam is het boek Plants of the world, an illustrated encyclopedia of vascular plants, geschreven door Maarten Christenhusz, Michael Fay en Mark Chase. Ondanks de beperking tot de vaatplanten is het resultaat indrukwekkend: 792 pagina’s op groot formaat, in gewicht goed voor ruim drie kilo boek.

Het boek begint met een uitleg over het indelen in de plantenwereld. De auteurs doen dat op heldere wijze. Vooral de achtergrond bij het gebruik van Latijnse namen overtuigt. De naam Blue bell voor een plant levert in vier landen vier verschillende planten op, dus dat geeft geen duidelijkheid. En die ene Blue bell (Hyacinthoides non-scripta) heeft in elk land wel een eigen naam, zoals boshyacint in ons land. Latijn is universeel, iedereen weet om welke plant het gaat. Juist bij deze soort is de Latijnse naam ook nogal eens onderwerp van discussie geweest, en ook dat gaan de auteurs niet uit de weg. Het geeft maar aan dat de inzichten aan verandering onderhevig zijn.

Deze uitgave maakt helder waar welke soort te vinden is aan de hand van de familie-indeling. Per familie is te zien waar ze aan te treffen zijn op de aardbol en op welke plaats ze zitten in de taxonomische stamboom. Na de algemene inleiding volgt informatie over de verspreiding, de geslachten en soorten, het gebruik en de etymologie. De schrijvers zijn er in geslaagd het hier toch telkens weer compact te houden. Heel knap is dat ze dit tot pagina 792 blijven doen. Een monnikenwerk is tot een goed einde gebracht. Iedereen die meer inzicht wil hebben in aard en wezen van de plantenwereld heeft aan dit standaardwerk een prima boek.

Het boek

Christenhusz, Maarten J.M., Michael F. Fay en Mark W. Chase, Plants of the world/an illustrated encyclopedia of vascular plants, 792 pagina’s, Kew Publishing/The University of Chicago Press, ISBN978-1-84246-634-6, prijs ongeveer 90 euro.